Box- of speelkleed – met tutorial


Af en toe krijg ik van mensen de vraag of ik een (duidelijke) tutorial weet om zelf een boxkleed te maken. En eerlijk gezegd heb ik dat online nog niet gevonden. Ik zal niet zeggen dat ze er niet zijn, maar ik weet van het bestaan niet af.

Onlangs maakte ik op verzoek voor iemand een speelkleed, en bedacht ik dat het misschien wel leuk en handig was om er meteen een tutorial van te maken.

Ik mocht zelf verzinnen wat voor kleed het ging worden, en welke kleuren ik zou gebruiken. Het leek me al een tijdje leuk om iets in het rood-wit-blauw te maken.

Voor de stof heb ik alleen lapjes gebruikt die ik had liggen. Restjes, nieuwe lappen en ‘oude’ kleding, van alles en nog wat!

Ik begon schema’s te tekenen met verschillende maten blokken (ik wilde een speelkleed van ongeveer 100 x 100 cm maken) met een groot effen middenvlak. Uiteindelijk kwam ik uit bij 8 x 8 vlakken (15 x 15 cm inclusief naad), met een schuin middenvlak. En in dat midden een uit de hand getekende molen (eerlijk is eerlijk, op basis van een leuk plaatje wat ik via Google vond)

De molen appliceerde ik met behulp van Vliesofix op het middenvlak.

En dan nu over naar de tutorial… Ik ben geen ervaren tutorial-schrijfster. Wel leester, dus ik denk wel ongeveer te weten ‘hoe het moet’ maar als je stappen niet duidelijk vindt en / of nog vragen hebt, stel ze gerust!

Je hebt nodig: stof voor de bovenkant, stof voor de onderkant, en vulling.

Voor de bovenkant maakte ik een gepatchworkte lap, tutorials daarvoor zijn veel online te vinden dus daar ga ik verder niet op in.

Voor de onderkant gebruikte ik stevige katoen (met een print, zie je niet zo snel vlekken – dit is een speelkleed voor op de grond hè 😉 ).

Voor de vulling gebruikte ik drie lagen van het goedkoopste Ikea dekbed, dat paste in mijn geval (hij is ongeveer 110 x 110 cm) prima uit de grootste maat.

(Voor de vulling kan je ook fiberfill (grote lap, niet de poppenvulling) gebruiken, in principe verandert er qua werkwijze niet zo veel, alleen dat het vervelend kan zijn om de fiberfill te naaien als dit aan de ‘buitenkant’ ligt, dus onder je voetje of op de ondertransportplaat. Dat is voor mij de reden om naar een dekbed te grijpen, die heeft namelijk al een dun beschermvlies op de vulling liggen, waardoor het naaien geen probleem is.)

Voor de bovenkant neem je een lap in de maat die je wilt, met rondom 1 cm naad. Als je een boxkleed maakt, maak het kleed dan minimaal 2 cm breder en langer, omdat het door de dikte anders te ‘klein’ wordt. Daar ging ik bij mijn eerste kleed de mist mee in 😉 Neem gerust 5 cm, dan past hij straks nog prima!

Mijn eerste stap is om de hoeken rond te maken, ik vind ronde hoeken mooier dan punthoeken. En eerlijk is eerlijk, ook wel makkelijker om ‘mooi’ te maken… Smaken verschillen, dus als je dat niet mooi vindt laat je ze lekker hoekig!

Ik gebruik iets rond, net wat voor handen is. Een bord, een dekseltje of in dit geval een cd-spindel.

Leg de (gestreken) bovenlap op de stof voor de achterkant. Knip dit ruim uit en strijk deze lap ook. Nu is het nog makkelijk om de vouwen eruit te krijgen 😉

Nu komt de vulling om de hoek kijken. Ik heb zelf 3 lagen dekbed gebruikt, en om de naad rondom het mooist te krijgen moet er niet teveel dikte verschil zitten tussen de boven- en onderkant, dus niet de bovenkant met niks, en de onderkant met 3 dikke lagen. Ik doe 1 laag boven en 2 lagen onder.

(Ik was trouwens van plan om maar 2 vullagen te gebruiken, dus 1 per kant, maar tijdens het maken kwam ik erachter dat ik 2 toch wel een beetje dunnig vond, en aangezien ik nog plenty dekbed had voor een derde laag heb ik dat maar gedaan.)

Leg het dekbed open op de grond. Leg de bovenkant met de goede kant boven erop. Op een tafel ofzo kan natuurlijk ook, maar ik vind het met al het speldwerk wel handig om op het kleed te gaan zitten, anders moet ik ‘verkeerd om’ spelden.

(Let goed op dat je straks nog 1 of 2 keer die maat eruit kunt halen, dat is vooral bij rechthoekige (box)kleden van belang.)

Speld het rondom op elkaar, ik doe de spelden om de 10-15 cm, zodat het niet teveel kan schuiven tijdens het naaien.

Knip met een klein beetje extra naad om de bovenkant.

Naai dit rondom op ongeveer een halve cm van de kant vast. Dan valt het stiksels traks mooi in de naad weg.

Het kan een beetje lastig zijn, zo’n grote dikke lap onder de machine, maar als je rustig aan doet gaat het prima!

Knip daarna de vulling op de maat van de bovenkant bij, zodat het niet meer uitsteekt.

Leg het overige dekbed dubbel op de grond.

Leg daar bovenop de stof voor de achterkant, met de goede kant naar boven.

Leg daar bovenop de bovenkant, met de goede kant naar beneden.

Speld dit rondom vast en knip het ruim uit.

Bepaal nu waar de keeropening moet komen. Waar maakt niet uit, het makkelijkst is een recht stuk. Ik deed het zelf bij de hoek aan de onderkant van het kleed (gezien de molen). Maak de keeropening niet te klein, ik denk dat de mijne iets van 20 cm is. Anders maak je het jezelf met het omdraaien straks érg moeilijk 😉

Markeer waar de keeropening moet komen, dit doe ik zelf met spelden overdwars. Speld je alles overdwars, kun je twee spelden vlak naast elkaar insteken. De spelden ‘in’ de keeropening laat ik nog zitten, zodat de laten daar ook niet kunnen verschuiven.

Volgens mij is de linker ‘dwarse’ speld net buiten beeld verdwenen…

Naai het kleed rondom met 1 cm naad. Hecht goed aan en af bij het begin en eind, en laat de keeropening open.

Verplaats de spelden naar een verdieping lager, speld de onderkant (stof en vulling) op elkaar.

Ik deed zelf de spelden op de plek waar ik straks ga knippen, en gebruikte dat als richtlijn waar ik in de volgende stap ga naaien.

Stik in het keergat de onderste lagen op elkaar. Naai ongeveer een halve cm van de ‘rand’. Bijknippen doe je later, dus gebruik de spelden als rand waarlangs je naait.

Knip de onderkant bij, gebruik de bovenkant als richtlijn.

Zo, het meeste naaiwerk is nu gedaan! Tijd om te bekijken wat het geworden is!!! Keer het kleed via de keeropening buitenstebuiten.

Ik stak m’n hand in de keeropening en pakte de hoek die het verst weg was, en trok die door de opening naar buiten.

En dan tijd om je werk te bewonderen!

De keeropening zag er bij mij zo uit.

En dan is het tijd om even te genieten van je werk…

  

  

Tijd voor de laatste afwerking!

Speld het keergat dicht…

…en naai dat met een onzichtbare steek vast. Helaas heb ik er geen foto’s meer van gemaakt tijdens of na het naaien. Wel eentje waar je voor op moet passen…

Als dat dan gedaan is, komt (mijns inziens) het lastigste werkje: alle lagen op elkaar vastzetten, zodat het één kleed blijft, en de lagen niet verschuiven.

Mijn machine kan vrij veel stoflagen aan en heeft een langere vrije arm, dus dit ging, mits rustig aan en met een beetje gepriegel, wel. Afhankelijk van het type kleed kun je bepalen waar je door wilt stikken, bijvoorbeeld een (recht of schuin) vlak omstikken. Een andere mogelijkheid is om het kleed op een aantal punten met de hand door en door vast te zetten. En je kunt het kleed natuurlijk ook dunner maken…

Ik koos ervoor om het witte schuine vlak in de naad (nou ja, min of meer…) te stikken.

Met behulp van veiligheidspelden speldde ik alle lagen, aan weerszijden van waar ik wilde naaien, vast.

Dan dus (heel voorzichtig) naaien…

Aan de achterkant had ik wat plooien gestikt, die stukjes heb ik, één voor één losgetornd en opnieuw genaaid. Er zitten nog wat kleine plooitjes, maar dat is niet storend en door de ‘drukke’ stof valt het niet op.

Nou, als je zover bent gekomen, is het écht tijd om te genieten van het resultaat!

Succes!

Driekwart


Ik vond bij de kringloop een leuk dun broekje. Qua maat (en lengte) niet lang genoeg, maar de wijdte was nog prima.

Er ging direct een lampje bij me branden: boordje eronder en een leuke driekwartbroek!

Hij bleef nog even liggen, maar gistermiddag was hij ‘aan de beurt’. Op zoek naar ribtricot erbij zag ik het label aan de achterkant…

…en een streepjesnachtpon van ribtricot die ik ooit (voor de stof) afgeprijsd meenam, matchte mooi qua kleur!

En toen het broekje. Echt een fluitje van een cent, dat kan volgens mij iedereen! En omdat het zo simpel is, maakte ik gewoon wat extra foto’s.

Ik knipte 5 cm van de onderkant van de pijpen af. Meer of minder kan natuurlijk ook, afhankelijk van hoe lang of kort het broekje moet worden. Je kan er natuurlijk een korte broek van maken, maar ik vind een over-de-knie voor het spelen wel fijn. De lengte was verder op de gok, aangezien kind in bed lag…

Knip twee boordjes uit ribtricot. De mijne zijn 20×8 cm. Eigenlijk omdat ik dat precies uit de mouwtjes kon knippen. De pijpen waren 28 cm wijd aan de onderkant. De boordjes moeten wel iets strakker dan de pijpen, maar hoeveel precies weet ik niet. De mijne hadden wel iets wijder gemogen eventueel.

Vouw de boordjes dubbel, met de korte kanten op elkaar, en stik op 0,5-1 cm van de zijnaad.

Ik gebruikte zelf een zigzagsteek (omdat de steek dan rekt) maar dat is helemaal niet nodig, een gewone rechte steek is prima!

Vouw de naden open…

…en vouw de boordjes dubbel, met de naad aan de binnenkant.

(En die nagel? Dat is iets met het vervangen van de cardrigdes…)

Zet een speld bij de naad, en verdeel het boordje in vier gelijke delen (door het boordje plat te leggen met de speld aan de zijkant, en een speld aan de andere kant te doen. Daarna vouw je het boordje zodat de spelden op elkaar liggen en doe je bij beide vouwen ook een speld).

Verdeel de broekspijpen op dezelfde manier in vier gelijke delen. Begin daarbij bij de naad aan de binnenkant van de broekspijp (ik zette daar geen speld).

Schuif de boordjes in de pijpen. Leg de naad van het boordje bij de naad aan de binnenkant van de pijp, en zet dat met een speld op elkaar. Speld zo ook de overige drie punten op elkaar.

Naai het boordje aan de pijp. Houdt hierbij het boordje boven en naai ‘in’ de pijp. Begin bij een speld en rek het boordje uit door met twee handen de pijp + boord op te rekken. Naai rustig tot de volgende speld, en herhaal dit tot je helemaal rond bent.

(Op de foto staat natuurlijk maar één hand, die andere had ik nodig om de foto te maken. Zelf vind ik het het handigst om met links de stof achter de voet te pakken, en met rechts bij de ‘volgende speld’.)

Zigzag of lock de naad. (Ik was te lui om alleen daarvoor de lockmachine te pakken.)

In principe is het broekje dan klaar. Zelf vind ik het mooier om de naad nog door te stikken, zodat het boordje altijd mooi valt. Vouw de naad omhoog, dus onder de pijp, en schuif pijp om de vrije arm van de machine. (Als de pijp te strak is, kan je hem beter binnenstebuiten keren en aan de ‘binnenkant’ naaien (wel de goede kant van de stof) , zoals je het boordje aan de pijp naaide.)

Daarvoor zette ik trouwens ook maar beige garen op de machine (de rest naaide ik met wit, weer iets van ‘lui’).

En dan heb je dit!

Een heerlijk broekje, geschikt om te fietsen…

…de buurt te verkennen…

…of lekker op de bank te luieren!

Ik geloof dat ik de te kort geworden broekjes maar van zolder ga halen en zo wat lekkere speelbroeken ga maken!

Luiermapjes


Luierzakjes, -tasjes en -mapjes kom je her en der tegen op het internet. Ik had ze zelf nog nooit gemaakt, maar wilde deze wel eens uitproberen…

Omdat ik gebruik maakte van een oude spijkerbroek voor de ene en een vlak van een gordijn voor de andere, waren mijn ‘buitenpanelen’ niet breed genoeg om hem eenvoudig volgens de tutorial te maken. En daarom kon het keergat bij mij niet zoals in de tutorial, en toen ben ik gaan denken… Ik ben namelijk niet zo’n ster in onzichtbare naden-met-de-hand dus heb dat soort stukjes liever op een onzichtbaar plekje…

En dat kan dus best bij deze tutorial! Gelukkig 😉 En omdat er misschien wel meer mensen zijn die dat ook willen, heb ik er onderweg wat foto’s van gemaakt, die staan onderaan dit blogje.

Ik maakte mijn mapjes trouwens zonder de opgestreken volumevlies, omdat ik dat niet had… Dat zie je trouwens alleen als ze leeg zijn 😉

Het ene mapje is van een stuk van een oude spijkerbroek. Ik versierde hem met restjes stof, band, lint en kant.

Voor de andere knipte ik een paneel uit een gordijn met vlakken. Zo’n paneel was precies groot genoeg voor de buitenkant. De binnenkant knipte ik van twee verschillende stoffen die ik aan elkaar zette.

Eentje gaat op weg als mijn eerste Pay It Forward 2012 item en de andere is een kraamkadootje. Ik hoop dat de ontvangers ze leuk (en handig) vinden 🙂

En dan ‘mijn keergat’:

Ik volgde de tutorial van Eloleo alleen waren de maten van de buitenstof anders. Wat ik daar tekort kwam, heb ik bij de binnenstof extra aangeknipt. De stappen tot en met het ‘vouwen van de flappen’ kon ik ook gewoon volgen. Daarna heb ik m’n eigen plan getrokken…

Links ligt de breedste flap (van 11 cm). Deze stikte ik – met de gewone naardwaarde – op de buitenstof vast. De binnenstof (weggeklapt op de foto) dus niet meestikken. (Aan- en afhechten hoeft hier niet per se.)

Daarna de boven en onderkant spelden. Ik geef met dubbele spelden aan waar ik al genaaid heb,  en waar straks het keergat moet komen.

Stik de boven- en onderkant, laat het stuk voor het keergat open – hecht daar aan weerszijden wel goed aan en af!

Keer het  mapje via het keergat om. Laat de flap bij het keergat nog naar de verkeerde kant gevouwen, zo is het makkelijker het keergat dicht te maken.

Naai het keergat dicht.

Vouw de flap naar de goede kant, en wég is je keergat! 🙂 Pers het mapje mooi op en klaar ben je.

Ballonbal nummer 3…


Ik haak nog even verder 🙂 Ik heb het patroon ondertussen ook nog in het Engels vertaald (geloof het of niet, maar daar werd om gevraagd), moet dat trouwens nog op de site zetten.

Omdat ik het lastig vind om uit te leggen hoe ik hem in elkaar zette, heb ik er nu wat foto’s van gemaakt. Op deze manier heb ik het trouwens de vorige keren niet gedaan, maar dit is veruit de makkelijkste manier!

Eerst alle onderdelen haken… dit keer koos ik voor (verlopende) regenboogkleuren… Er zit systeem in! En een bijzondere afwijking 🙂

 

En ik kon wat close-ups niet laten…

En op de een of andere manier mijn favorietste kleurencombinatie deze keer:

Op deze manier moeten ze aan elkaar gehaakt worden…

Om en om drie zeshoeken en drie vierkanten om een zeshoek haken. Dit keer haakte ik een losse tussen de twee vasten in de ‘gaatjes’, waardoor de hoeken iets minder spannen.

De draad kun je laten zitten, om meteen de eerste opening dicht te haken. Haak zo alle openingen dicht. Ik begon met een halve vaste op de hoek-losse en dan een losse, en dan de vaste in de opening.

Maak zo ook de tweede halve bal. De draad kun je hier ook weer laten zitten, ik was het vergeten… Scheelt weer één draadje afhechten 🙂

Zorg dat alle draden afgehecht zijn.

Haak dan de twee halve ballen aan elkaar. Begin met een middelste vrije kant van een zeshoek tegen een vrije kant van een vierkant.

En zo haak je ‘al zigzaggend’ de twee halve ballen aan elkaar. Ik haakte steeds – in plaats van een losse tussen de twee vasten in een gaatje – een vaste in de eerste steek van de vastzettoer die je ‘passeert’.

En dan heb je zomaar zoiets…

Snel een ballon halen en opblazen!

Zo lijkt hij heel mooi rond! Maar dat is hij helaas niet… 😦

Maakt voor het spelen niet uit! Maar ’t is toch wel een beetje jammer… (de hoes is dan net te groot – of de ballon net te klein).

Legging


Laatst had ik m’n laarzen weer aan, en die zitten het lekkerst met kniekousen. Maar niet met deze, want die rekken niet zo.

Opeens vroeg ik me af of ik er in plaats van beenwarmers (tutorials daarvan vind je her en der op internet) ook een legging van kon maken… Eerst de kousen gepast, en ja, ze gaan zonder problemen helemaal over haar bovenbenen.

Ja, dat lijkt wel wat he! Met een extra stukje stof moet het wel kunnen!- laat ik nou van de perfecte kleur dikke tricot een restlapje hebben!

Eerst tenen eraf en de voet middenonder tot de hiel openknippen. Dan maar even spelden…

 

Dat ziet er wel aardig uit! Dan naaien (met de locksteek op m’n naaimachine). Eerst de middenvoornaad, en dan in één keer om het lapje heen, een achternaad, de kruisnaad onder en de tweede achternaad.

Omdraaien, en…

 

…ja, dat wordt wel wat! Door de hiel lijken er wel wat gekke ‘bulten’ in te zitten, maar zou je die later ook zien?

Genoeg hoogte om een tunnel te maken had ik niet (zo lang zijn mijn voeten nou ook weer niet 😉 ) dus stikte ik het elastiek gewoon bovenlangs met een stikkende zigzag. Ik had toevallig nog een stuk oud grijs elastiek liggen, maar het rekt niet erg (had wel wat strakker mogen zijn, heb ik het weer eens te wijd gemaakt… zucht 😉 ) en na het wassen helemaal niet meer 😦 Gelukkig deed het droog wel weer wat hij moest doen 😉 De rest gooi ik voor de zekerheid maar weg!

 

En toen de ‘vuurdoop’:

 

Nou, hoe ziet dat er uit? Hij is nog lekker lang, dus nog prima groeiruimte!

(Voor de maat: qua broeken zit ze tussen 86 en 92 in qua lengte, en qua taillewijdte is ze daar nog láng niet. Geen idee of wel rekbare kniekousen bij stevigere meisjes voldoende wijdte hebben bij de bovenbenen, lijkt me wel! En als het voor bij de taille te weinig ruimte geeft, kun je voor ook een (smaller) tussenstuk ertussen zetten.)

En laat ik nou gisteren nog net zo’n paar kniekousen maar dan in het (room)wit in m’n sokkenmandje vinden… Ik zie nog een legging komen!

Gehaakte ballonbal (patroon)


Naar aanleiding van mijn gehaakte ballonbal kreeg ik van verschillende mensen de vraag naar het patroon. Maar ja, dat was er niet, dus heb ik het maar uitgeschreven. Ondertussen heeft Aafke hem al gemaakt.

Gezien de vraag – ‘jullie’ vinden hem dus leuk 😉 – zet ik het patroon ook hier.

Naar aanleiding van mijn tweede ballonbal heb ik de eerste toer iets aangepast.

Je kunt het pdf-patroon van de ballonbal hier downloaden. Wil je het patroon voor je zelf of als cadeau maken, ga gerust je gang! Wil je de gehaakte ballonballen gaan verkopen, neem dan even contact met me op door middel van een reactie onderaan, dan neem ik contact met je op!

The English pattern will come soon!!

Voor een uitgebreidere beschrijving van het in elkaar zetten van de bal: kijk hier.

Het maken van een magic ring wordt in dit filmpje voorgedaan:

Ballonbal

Zeshoek:

Toer 1: Maak een magic ring. Haak in de magic ring 1 halve vaste, dan 3 lossen (1e stokje) 1 stokje in de magic ring, 2 lossen, * 2 stokjes in de magic ring, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 2 stokjes).

Toer 2: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 2 stokjes in het 2e stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het 1e stokje van het volgende groepje, 2 stokjes in het 2e stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 4 stokjes).

Toer 3: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 6 stokjes).

Toer 4: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 4 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 8 stokjes).

Toer 5: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 6stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 10 stokjes).

Toer 6: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 8 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 12 stokjes).

Toer 7: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 10 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 14 stokjes).

Breek de draad af.

Maak zo zeven zeshoeken.

Zeshoek met opening:

Haak 24 lossen, sluit de ring met een halve vaste in de eerste losse.

Toer 1: 3 lossen (1e stokje), haak 1 stokje in elk van de komende 3 lossen, haak 2 lossen, * haak 4 stokjes in elk van de komende 4 lossen, haak 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 4 stokjes).

Toer 2: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 6 stokjes).

Toer 3: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 4 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 8 stokjes).

Toer 4: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 6stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 10 stokjes).

Toer 5: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 8 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 12 stokjes).

Toer 6: 3 lossen (1e stokje), nog 1 stokje in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 10 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen, * 2 stokjes in het eerste stokje, stokje in elk van de komende 2 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 4x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 6 groepjes van 14 stokjes).

Breek de draad af.

Vierkant:

Toer 1: Maak een magic ring. Haak in de magic ring 1 halve vaste, dan 3 lossen (1e stokje) 1 stokje in de magic ring, 2 lossen, * 2 stokjes in de magic ring, 2 lossen * Herhaal van * tot * 2x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 3e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 4 groepjes van 2 stokjes).

Toer 2: 4 lossen (1e dubbele stokje), 1 stokje in hetzelfde stokje, 2 stokjes tussen de 2 stokjes van het eerste groepje, 1 stokje in het 2e stokje, een dubbel stokje in hetzelfde stokje, 2 lossen, * dubbel stokje in het 1e stokje van het volgende groepje, stokje in hetzelfde stokje, 2 stokjes tussen de 2 stokjes, stokje in het 2e stokje, een dubbel stokje in hetzelfde stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 2x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 4e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 4 groepjes van 6 stokjes).

Toer 3: 4 lossen (1e dubbele stokje), 2 stokjes in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 4 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, dubbel stokje in hetzelfde stokje, 2 lossen, * dubbel stokje in het eerste stokje, 2 stokjes in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 4 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, dubbel stokje in hetzelfde stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 2x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 4e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 4 groepjes van 10 stokjes).

Toer 4: 4 lossen (1e dubbele stokje), 2 stokjes in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 8 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, dubbel stokje in hetzelfde stokje, 2 lossen, * dubbel stokje in het eerste stokje, 2 stokjes in hetzelfde stokje, 1 stokje in elk van de komende 8 stokjes, 2 stokjes in het laatste stokje, dubbel stokje in hetzelfde stokje, 2 lossen * Herhaal van * tot * 2x. Sluit de toer af met een halve vaste in de 4e losse van het eerste stokje. (Je hebt nu 4 groepjes van 14 stokjes).

Breek de draad af.

In elkaar zetten:

Hecht alle begindraden af. Einddraden mág ook, maar ik heb ze zelf meegehaakt bij het in elkaar zetten.

Begin voor het in elkaar zetten door rondom een zeshoek om en om drie zeshoeken en drie vierkanten te haken. Haak een vaste in elk stokje en een vaste in het ‘gaatje’. Dus je begint met een vaste in een gaatje, dan 14 vaste in de stokjes en dan weer een vaste in het gaatje. Dan leg je aan de achterkant de volgende neer en haakt weer een vaste in het gaatje, 14 vaste in de stokjes en weer een in het gaatje, en zo verder.

Daarna komt boven elk vierkantje een zeshoek en boven elke zeshoek een vierkant.

Als laatste haak je de laatste zeshoek tussen de drie zeshoeken en drie vierkanten en hecht je het laatste draadje af.

Je hoeft in de opgeblazen ballon geen knoopje te doen, je kunt hem een paar slagen draaien en dan het ‘tuutje’ door het gat in de hoes naar binnen stoppen. Je kunt zo de bal weer makkelijk leeg laten lopen als je naar huis gaat en de ballon hergebruiken.

Ik heb geen idee meer wat voor garen / naald ik heb gebruikt. De zijkanten van de zeshoeken en vierkanten waren ongeveer 6 cm. Groter of kleiner maakt niet veel uit, je kan altijd een toer (dat wil zeggen één bij de vierkanten en dan twee bij de zeshoeken) meer of minder haken om de bal groter of kleiner te maken. De laatste groepjes stokjes van de zeshoek en vierkant moeten even groot zijn.

Aafke maakte ook foto’s van haar ballonbal (in wording) en die mag ik hier ook plaatsen!

Ik zou het erg leuk vinden om de gemaakte ballen te zien!!

En mocht je op- of aanmerkingen hebben, dan hoor ik het ook graag!

Succes!!!

Naaimachine


Ik had vandaag even zin in een snel projectje!

Het lijkt namelijk wel alsof ik elke dag wat maak, maar niets is minder waar (meestal dan)… want woensdag heb ik gewoon 6 blogjes gemaakt, voor elke dag eentje 🙂 van dingen die al af waren maar die ik nog niet geblogd had…

In december had ik dit shirt van Nicoline al gezien, maar aangezien ik niet echt van tricot naaien houd geloofde ik het wel een beetje 🙂 Terwijl het mij best leuk leek om wat effen shirtjes op te vrolijken…

Recent haalde ik een nieuwe maat kleren van zolder en daartussen zat ook een effen groen shirtje (ooit gekocht voor een kraamcadeautje geloof ik). Bij het strijken gisteren dacht ik: ja, daar ga ik wat op maken – of beter gezegd: onder, namelijk een reverse applique. En laat Nicoline nou vanmiddag online geweest zijn en kon ik haar de hemd van het lijf vragen over hoe ze het nou gedaan had! Ik heb laatst wel mijn eerste reverse applique gemaakt maar dat was van ‘gewone’ katoen op elkaar en nu dus, net als bij Nicoline, van gewone katoen onder een t-shirt… Ik wist dus wel zo’n beetje hoe het moest, maar was benieuwd hoe zij het had gedaan, bijvoorbeeld qua verstevigen enzo! Nou, niet dus… 😉

Eigenlijk is het gewoon heel simpel. Nou ja, niks eigenlijk, het ís gewoon heel simpel!

En toen moest ik natuurlijk ook nog een plaatje hebben… Sinds kort wordt er hier op mijn naaimachine geaasd, dus zoiets leek me wel grappig… Na wat gegoogle kwam ik op dit blogje terecht en die naaimachine vond ik wel erg leuk! Ik maakte een screenshot van bladzijde 22 van deze ‘We Love Crafts Magazine‘ en vergrootte de tekening tot de gewenste grootte en printte die in spiegelbeeld uit.

Toen trok ik hem (gewoon met een grijs potlood) op de achterkant van de oranje stof (restje van de Onbag). Dat knipte ik ongeveer 3/4 tot 1 cm ruimer uit en zigzagde ik rondom.

Dat lapje legde ik met de goede kant beneden op de binnenkant van het t-shirt. Beetje meten dat het (ongeveer) in het midden ligt en dan goed vastspelden. Ik naaide over de lijn en in plaats van afhechten met de machine knoopte ik de draden aan de binnenkant vast.

De buitenkant ziet er dan zo uit… nog niet echt veel beter hè?? 😉

Dan komt het – volgens mij – lastigste… want je moet het gedeelte binnen de stiklijnen wegknippen zonder door de onderste stof te gaan… Ik knipte ongeveer 2-3 mm van de stiklijn. En dan ziet het er opeens zo uit:

Hupsakee, in no-time een leuk, vrolijk en vooral origineel t-shirt!

Ik geloof dat ik er nog maar een paar ga maken! Nog even wat leuke plaatjes zoeken… 🙂

Vorige Oudere items